Juni 2010 is voor de mensen van Borrris een cruciale maand. Op 12 juni spelen zij immers hun laatste optreden in hun huidige bezetting. Twee kernspelers moeten om verschillende, persoonlijke redenen de groep verlaten.
Tijdens een gezellig etentje met Klaas Debacker en Frank Vastmans in de ViaVia te Heverlee (Leuven), leert improfeest het knotsgekke Borrris beter kennen. Geniet mee van dit Nederlandstalig Brussels improcollectief in de derde editie van de improfeestreeks Groep Van De Maand.
Geschiedenis
Oprichting
Borrris bestaat al meer dan 8 jaar, maar Klaas is het enige overblijvend stichtend lid. Na een improvisatiecursus van Wim Verbeke (toen: Inspinazie) in De Markten te Brussel, staken een aantal deelnemers de koppen bij elkaar met als resultaat een tweede sessiereeks op eigen initiatief. In augustus 2002 besloten uiteindelijk 6 mensen, voornamelijk getrokken door Els Lenaerts, om samen Borrris te worden. Het eerste jaar lieten zij zich vormen door Wim Verbeke.
RRR
Hun eerste vergadering op het terras van De Monk werd bijna volledig ingepalmd door een discussie over het aantal rr’en in hun naam. Uiteindelijk zijn het er drie geworden. Over hun naam is de groep trouwens nog steeds erg tevreden. Het is geen woordspeling op het vijfletterwoord IMPRO (zoals bij zo vele andere groepen), maar de verwijzing is voor insiders toch erg duidelijk. Borris is namelijk een bekend improvisatiespel. Ironisch genoeg heeft Borrris deze format nog nooit ingepland gehad op een optreden!
De Markten: hun thuis
Borrris heeft meteen voor De Markten gekozen als thuishaven. Voor het gemeenschapscentrum was dit een primeur: nooit eerder vestigde zich een productiegroep in hun mooie locatie op de Oude Graanmarkt; normaal vonden er enkel cursussen plaats. Vandaag de dag hebben er al een zestal andere productiegroepen onderdak gevonden.
In diezelfde Markten organiseert Borrris tot op vandaag nog steeds drie huisvoorstellingen per jaar. Zij vinden immers dat impro pas voor een publiek helemaal tot zijn recht komt. Als nagenoeg enig kwalitatief Nederlandstalig improcollectief in onze hoofdstad kunnen zij steeds op een uitverkochte zaal rekenen.
Drie generaties
Ruwweg kunnen de agelopen negen jaren in drie generaties spelers van telkens drie jaar opgedeeld worden. Na de eerste paar jaren met de zes oprichters doorgebracht te hebben, gingen Klaas en Els scouten op een toonmoment van een andere, onafhankelijke improcusus in De Markten. Daar hebben ze verschillende nieuwe spelers opgepikt (onder andere Nathalie Van der Perre, Dimitri Delsard (nu: de BIL) en Stef Kuypers (nu: Impro Dynamics). Zij vonden al gauw hechte aanhang bij de bestaande groep en vormden zo de tweede generatie. Na nog een aantal jaren (ondertussen had Els de groep verlaten en was Stef naar Loose Moose in Canada gegaan) organiseerde Borrris een eigen improvisatiecursus, waaruit ze opnieuw een aantal mensen weerhielden; onder andere huidig speelster An Brouns. Zo ging in 2007 de derde generatie van start. Sindsdien is er in de groep een duidelijke focus op long-form, organiseren ze regelmatig eigen cursussen en vormen de spelers een heel erg hechte groep.
De toekomst
Wat brengt de toekomst voor Borrris? Twee van de zes kernspelers houden er na het optreden op 12 juni 2010 immers mee op. Zij hebben dit onafhankelijk van elkaar beslist rond ongeveer dezelfde periode, maar engageerden zich nog wel allebei tot het einde van het seizoen. Het plan om snel terug goede rekruten op te doen is om een gemengd optreden tussen Borrris en een cursistengroep te organiseren. Het succes hiervan zal bepalend zijn voor de toekomst van het Brusselse collectief. De nieuwe kernploeg heeft er alleszins geen probleem mee om Borrris nog eens te laten vervellen. Het enige dat vaststaat, is dat de focus op long-form zal blijven, al worden de huidige optredens hier en daar wel eens wat aangevuld met een korte vorm hier en daar.
Brussels en Nederlandstalig
Identiteit

Wat Borrris echt uniek maakt in het Vlaamse improvisatiewezen, is hun Brusselse identiteit. In onze hoofdstad is er een enorm aanbod aan (ook Nederlandstalige) cultuur waar ze tegen moeten opboksen met hun optredens. Zo was het dus initieel heel erg moeilijk om buiten de kennissenkring aan publiek te komen, wat op zich wellicht eigen is aan alle amateurkunsten, natuurlijk. Ironisch genoeg telt Borrris vandaag maar één echte Brusselaar; alle andere spelers zijn Vlaamse export. Niet veel mensen wonen echt lang in Brussel, wat een verklaring is voor het toch wel grote verloop aan spelers dat de groep ondervindt. Op zich bemoeilijkt dit ook de publiekscontinuïteit.
Sfeer
Uniek aan Brussel in ons land is dat het de enige locatie is met min of meer een grootstadsfeer. Dit heeft Borrris alles heel erg leren relativeren en kaderen. Deze improvisatoren staan met beide voeten op de grond. Toch hebben ze een niet te onderschatten rol gespeeld in het improlandschap van Brussel. Zo speelde Borrris bijvoorbeeld telkens een belangrijke rol bij de organisatie en ondersteuning van het Vlaamse Improvisatietheaterfestival; de eerste editie ging zelfs door in De Markten, het huis van Borrris.
Kleine Groep
eicel/zaadcel
Waar veel improgroepen jaloers op kunnen zijn, is de chemie die heerst bij Borrris. Aan elkaar blijven hangen zonder echte regels is wat telt. Deze manier van werken tekent Borrris al jaren. Slechts in de korte periode met meer dan acht spelers werkten ze een soort eicel/zaadcel configuratie uit. De eicellen moesten de stabiliteit verzekeren, terwijl de zaadcellen vrij met nieuwe ideeën konden afkomen. Vandaag de dag wordt dit idee echter afgedaan als een typische groeipijn. Borrris blijft klein onder het motto: “geen risico’s met nieuwe leden!”.
Legendarische Weekends
Al vijf jaar rond september/oktober organiseert Borrris voor zichzelf een weekend. Waar deze eerst draaiden rond impro (trainingen, brainstormsessies, etc…), vervalden ze al snel in pure teambuilding met improvisatie-achtige oefeningen in `real life’. Zo oefenden ze bijvoorbeeld eens collectief op hoge status in het casino van Oostende en gingen ze verkleed personages uitproberen in een lokale supermarkt.
Antwoord op de BIL
Vorige maand stelde de BIL volgende vraag aan Borrris: “Wat zijn de voor- en nadelen van het werken met een kleine ploeg mensen, bijvoorbeeld wat betreft de man-vrouw-verhouding in de groep?”
Voor een kleine groep is kwaliteitsrecrutering cruciaal. Man-vrouw (of andere) verhoudingen zijn daaraan ondergeschikt. Daarom organiseert Borrris ook haar eigen cursussen; daar komen immers de ruggengraatfiguren uit naar boven.
Moeilijke aspecten zijn:
- Bij optredens ligt de organisatiedruk verspreid over alle spelers, net als de taak van publiekswerving. Het relatief gewicht van de groep op elke individuele spelers weegt dus zwaarder.
- Ook de individuele verantwoordelijkheden doorheen het jaar zijn groter. Neem nu dat er twee spelers niet komen opdagen op een training, dan schieten er al gauw slechts vier mensen over, waarvan één de training voorbereid heeft. Met drie mensen kom je niet erg ver dan…
- Zonder hiërarchie is het niet eenvoudig om elkaar te trainen. Iedereen maakt immers vaak dezelfde of terugkerende fouten.
De positieve aspecten wegen echter zwaarder door:
- De basisdemocratie is veel sterker.
- Echt iedereen krijgt de kans om zijn of haar inbreng in de groep te laten gelden.
- Eventuele conflicten komen veel sneller naar boven, zodat de druk nooit hard op de ketel staat.
- Het allerbelangrijkste is wellicht dat er zero profileringsdrang heerst, wat leidt tot veel beter spel.
De volgende vraag
In de zomermaanden geeft Improfeest twee speciale edities van de Groep Van De Maand uit. In juli wordt er een Waalse groep geïnterviewd. Voor augustus hebben we een special guest klaarstaan…
Omdat Borrris nog niet weet welke groep er volgende maand uitgelicht wordt, is hun vraag dan ook vrij eenvoudig: “Voulez-vous jouer avec nous?“. Tot binnen een maandje!





