In een interview van maart liefst 3 uur op een zonnig terras in Mechelen doet een delegatie van de Belgische Improvisatieliga de geschiedenis van de eerste improvisatiegroep in Vlaanderen uit de doeken. In de maand mei organiseren zij het jaarlijkse orgelpunt van een druk theatersportseizoen: de halve finale en grand finale. Deze opportuniteit hebben we bij Improfeest onmiddellijk aangegrepen om deze bonte bende prompt uit te lichten tot onze tweede groep van de maand. Aan het woord zijn Jeroen Van Dyck (coördinator van de groep), Max La Menace (ceremoniemeester en voorzitter), An Claes (speelster) en Ellen Dierckx (artistiek directeur).
Geschiedenis
Vlaamse counterpart van de LIB
In 1989 al werd de BIL VZW opgericht. Er was toen nog nagenoeg geen sprake van improvisatie in Vlaanderen, hoewel dit in Franstalig België al aan een fixe opmars bezig was. Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat de BIL mee opgericht werd door een delegatie van het vijf jaar oudere LIB (Ligue d’Improvisation Belge). In de eerste raad van bestuur zetelden dan ook een aantal Franstaligen, wat de `B’ in BIL rechtvaardigde. Tot op vandaag onderhoudt de BIL nog steeds goede relaties met de LIB.
In de omkadering die het LIB in de beginjaren bood, werden er een 25-tal nieuwe Vlaamse spelers door een Waalse docent vanuit het niets opgeleid in de kunst van de theatersport. Al meteen was er ook sprake van een aantal vaste staff-leden, die niet meespeelden. Vandaag wordt de BIL nog steeds gekenmerkt door een onderscheid tussen organisatie en spelers, wat het professionele karakter van de groep bevordert. In 1991 was de eerste lichting er klaar voor. Met twee ploegen uit Antwerpen en een uit Brussel gingen ze van start met het eerste speelseizoen. Hun optredens in het CVA te Anderlecht en het Raamtheater te Antwerpen sloegen meteen in als een bom. Het was duidelijk dat men hier met een succesformule zat.
Onvoorziene Omstandigheden
Hun onmiddellijke succes was natuurlijk ook in het Vlaamse medialandschap niet onopgemerkt gebleven en al snel ondervond de groep de eerste nadelen van hun populariteit. Een aantal spelers die de stap naar televisie zetten moesten noodzakelijkerwijs hun improgroep laten voor wat het was. Kort daarna kampte de BIL met een imago-probleem: zij werden onterecht gezien als een opstapje naar het BV-schap, wat soms de verkeerde mensen aantrok.
In 1994 kwam een nog onbekende Marc Uytterhoeven meetrainen in het kader van zijn zoektocht naar deelnemers van zijn nieuw televisieconcept gebaseerd op `Who’s line is it anyway?‘. Hij vond bij de BIL al snel een groepje gelijkgezinden en loodste op die manier onder andere Michiel Devlieger, Ineke Nijssen, Tom Lenaerts en Johan Terryn van de BIL naar wat even later het supersuccesvolle TV1-programma `Onvoorziene Omstandigheden‘ zou worden.
Een nieuw elan
Na het plotse vertrek van een hoop getrainde spelers kampte de BIL 5 jaar na oprichting met een eerste crisis. Een groep mensen verzamelden zich in Berchem voor een historische vergadering en beslisten om de BIL niet te laten doodbloeden. Eind 1994 vond de doorstart met een verse raad van bestuur plaats.
Het concept werd danig overhoopgegooid, vooral achter de schermen. Waar de eerste jaren de focus heel erg sterk op het competitieve element van de theatersport had gelegen, werd vanaf dan geopteerd om de ploegen dichter bij elkaar te brengen. In de eerste jaren trainden de ploegen bijvoorbeeld altijd apart in eigen stad en werd er zelfs een magazine uitgebracht (de Kazoe) waarin scheidsrechters Karel Deruwe en Dominiek Van Steerten op de achterflap steeds gepeperde, maar ongezouten verslagen over de matchen publiceerden. De principes van aparte loge’s, aparte trainingen en het uitwisselen van een geschenkje tussen de ploegen voor de match werden aan de kant geschoven ten voordele van gemengde groepen. Een tweede belangrijke beslissing van deze kersverse raad van bestuur was om vanaf dan geen onderscheid meer te maken tussen trainingsjaren en speeljaren. Elk jaar zouden er vanaf dan parallel matchen gespeeld worden door ervaren spelers én trainingen lopen om nieuwe spelers klaar te stomen. Tenslotte werd de dure format uitvoerig gecommercialiseerd om via publieke sponsoring de kassa te spijzen. De gebruikelijke subsidiëringen volstonden immers niet meer. Dit nieuw elan trok natuurlijk ook vele nieuwe, talentvolle spelers aan zoals Jeron Dewulf (nu: Improfeten), Alain Rinckhout (nu: Inspinazie) en Dries Desmet (nu: La Muse Geule). De positieve kant van improvisatie op het Vlaamse televisiescherm was te merken in de nog sterkere populariteit van de BIL in de volgende jaren. Na een tijdje begon de nieuwe succesvolle BIL uit zijn voegen te barsten in Antwerpen en Brussel en werd er uitgekeken naar Limburg, Leuven en Gent om uit te breiden. Al snel werd er gekozen voor Gent, onder meer omdat zich daar een spelersgroep die al onafhankelijk aan het trainen geslagen was spontaan aanbood. Uit diezelfde Gentse groep zou later ook de bekende Lunatic Comedy Club ontstaan.1996 – 1999
In de daaropvolgende jaren werd er voornamelijk gewerkt aan de opleidingsformule voor nieuwe spelers. Zo ontstond de Blauwe ploeg, een trainingsploeg en voorloper van de huidige BIL academie. Om zeker iedereen met de juiste mix van talent én motivatie aan te trekken, begon men ook met het organiseren van externe cursussen. In 1998 werd er officieel gestart met de BIL academie in Brussel, Gent en Antwerpen. Vanaf dan zouden in een intensief programma van 3 jaar nieuwe spelers opgeleid kunnen worden voor een carrière op de patinoire. In 1999 organiseerde de BIL in het kader van haar 10-jarig bestaan de eerste BV-match (met Jacques Pypen, Walter Grootaers, Margriet Hermans, Sabine Devos, Sabine Haegedoren, …), een concept dat trouwens tot op de dag van vandaag nog steeds af en toe terug te vinden valt in het drukke programma van de BIL.
Laatste 10 jaar
In de afgelopen 10 jaar is er vooral gewerkt aan de uitbreiding van de werking. De BIL verzorgt zo ondertussen ook tal van animaties, optredens voor bedrijven, professionele opleidingen en nog veel meer. Op deze manier slagen ze erin van hun naam steeds maar sterker te verankeren bij het grote publiek en natuurlijk ook wat extra inkomsten te genereren om hun verlieslatende matchen te ondersteunen. Het belangrijkste echter is dat ze zo hun leden een platform aanbieden om eventueel een carrière als improvisator bij de BIL uit te bouwen. Vanzelfsprekend vergt de coördinatie van deze organisatie ondertussen de voltijdse inzet van minstens één van de medewerkers. Om die reden werd in 2007 Jeroen Van Dyck als eerste voltijds coördinator in loondienst genomen bij BIL vzw.
Wat brengt de toekomst?
Op deze vraag is het antwoord eenduidig: het verder professionaliseren van het talent in de groep. Tot hiertoe is de BIL nog te veel een broeihaard van talent dat na een aantal jaren terug vertrekt om buiten de groep om verder te gaan in theater, film, regie of andere creatieve jobs. Het doel van de BIL is om deze mensen een omgeving aan te bieden waarin ze hun talenten binnen de groep kunnen blijven botvieren.
Format
De Impro-match

De gestreepte truitjes van de scheidsrechter zijn een onmismaar onderdeel van de BIL-format. (© Hans Vangeel)
De Impro-match werd uitgevonden door twee Franstalige Canadezen, Yves Leduc en Daniel Gravel. Deze twee acteurs wilden tijdens de breaktimes van ijshockeymatchen het publiek entertainen en kwamen zo op het idee om dit aan de hand van improvisatietheater te doen. De format sloeg meteen erg goed aan en vrij snel werkten ze een licentiemodel uit. Slechts één ploeg per land/regio heeft het recht om een licentie op het organiseren en spelen van impro-matchen te kopen (voor Vlaanderen is dit uiteraard de BIL zelf). Dit verklaart meteen ook de unieke patinoire waar het publiek helemaal rond de spelers plaatsneemt en het gestreepte truitje van de scheidsrechters.
Een vaak gehoorde vorm van kritiek is dat deze format het competitie-element te hard zou benadrukken. Dit is echter zeker ook terug te vinden is in de bekendste Johnstone-formats, zoals Gorilla Theatre, The Judges, …. en vele andere vormen van improvisatie.
Het is wel zo dat de impro-match echt een combinatie is van sport en theater en om die reden ook kei-hard is om te spelen en te bekijken. De optredens zijn altijd heel erg energetisch en confronterend. De BIL academie wil hun spelers daar in zekere zin tegen beschermen en terdege op voorbereiden. Dit is wellicht ook de reden waarom er relatief gesproken zo weinig vrouwelijke spelers zijn bij de BIL.
De ambitie en focus bij de BIL ligt echter wel bij het vertrellen van verhalen. Deze constante artistieke strijd is bovendien een noodzaak om een terugkerend publiek te blijven onderhouden. Voor nieuwe kijkers werkt de format op zichzelf en zorgt de impro-match voor een zekere kwaliteitsgarantie wat betreft entertainmentgehalte.
Antwoord op Inspinazie
Vorige maand stelde Inspinazie de volgende vraag aan de BIL: Waarom ligt op een training van de BIL de focus steevast op het leuk samenspelen, maar zit op de patinoire het competitie-element niet alleen in de format, maar ook in de spelers zelf?
Hier wordt hard aan gewerkt. Dit is inderdaad een valkuil voor minder ervaren spelers. Het verschil tussen scènes op de training en de optredens wordt veroorzaakt door de druk die de format, de locatie en het publiek met zich meebrengen. Concrete maatregel die genomen werd om dit tegen te gaan is bijvoorbeeld het organiseren van gemengde trainingen met spelers van de verschillende ploegen tesamen. Sinds 2004 is er ook een algemene coach, naast de coach per ploeg. Verder wordt elk jaar de ploegensamenstelling helemaal door elkaar gegooid, zodat iedereen met iedereen leert spelen en zit de coach mee op de bank tijdens de match om de correcte sfeer onder de spelers te bewaken. Het is dus een constant zoeken naar een goede balans.De volgende vraag
In juni is het de beurt aan Borrris om onder de loep genomen te woden door Improfeest. De vraag van de BIL aan hen is “Wat zijn de voor- en nadelen van het werken met een kleine ploeg mensen, bijvoorbeeld wat betreft de man-vrouw-verhouding in de groep?” Tot volgende maand!



![3667103139_c51742f494[1]](http://improfeest.be/wp-content/uploads/2010/04/3667103139_c51742f4941-300x199.jpg?9d7bd4)
![134[1]](http://improfeest.be/wp-content/uploads/2010/04/1341.jpg?9d7bd4)
![105[1]](http://improfeest.be/wp-content/uploads/2010/04/1051-300x199.jpg?9d7bd4)

![219[2]](http://improfeest.be/wp-content/uploads/2010/04/2192-300x199.jpg?9d7bd4)